
Leendert Jan Staat houdt koers: ‘Soms mis ik het besturen van het schip’
25 november 2025 om 12:00 MensenAls kapitein heeft Leendert Jan Staat uit Elburg een gevarieerde baan. Hij vaart op een groot schip voor de olie-, gas- en windindustrie. “Zie het als een soort Zwitsers zakmes op zee”, legt hij uit.
Johanna Sijbel
Op het moment bevindt het schip zich dicht bij de kust van Polen om een diepe geul te ploegen waarin kabels gelegd worden naar een windmolenpark. “De taak is om de kabel van de ene naar de andere kant te trekken, terwijl deze beschermd blijft tegen weersinvloeden, vallende ankers en andere gevaren in zee.”
Tussen twee teams in
Het team aan boord bestaat uit een uitvoerend en een maritiem deel. “Als kapitein zit ik letterlijk en figuurlijk tussen die twee teams in. Mijn werkplek bevindt zich in het midden van de brug, terwijl de uitvoerende kant aan bakboord zit en de maritieme kant midden achterin het schip opereert. Ik ben eindverantwoordelijke voor de veiligheid van beide teams. Soms leidt dat tot wrijving. De uitvoerende kant krijgt van de klant een duidelijke taak en deadline en wil die zo goed mogelijk uitvoeren. Het gebeurt wel eens dat ik op de rem moet trappen, omdat de uitvoerende kant onder druk dingen wil doen die onveilig zijn. Maar in 80 procent van de gevallen is dat geen probleem en kunnen we de plannen die gemaakt zijn veilig uitvoeren. Wat ik echter het leukst vind aan het werk is, als de plannen - die gemaakt zijn achter een bureau - lastig uitvoerbaar blijken. Dan kunnen wij als maritieme mensen meedenken over een oplossing. Wij kennen het schip en weten wat wel en niet kan. Op zulke momenten maken we echt het verschil.”
Meer manager dan stuurman
De kapitein begint zijn dagen aan boord vroeg: om 7.00 uur verschijnt hij op de brug voor een kop koffie, vervolgens leest hij de overdracht van zijn collega in de nachtdienst en bekijkt zijn mail en het weerbericht voor die dag. Om 8.00 uur is de eerste vergadering met zijn collega’s en om 9.00 uur vergadert hij met de klant voor de ‘24 hour look ahead’. “En zo kabbelt de dag een beetje door, met mails, teamcalls, vergaderingen en af en toe het overnemen van taken van de stuurlui. Het grootste deel van mijn dag bestaat uit managen. Dat is leuk, ik ben namelijk een mensenmens, maar soms mis ik het zelf varen wel. Toen ik 17 jaar geleden begon bij een ander bedrijf, werkte ik op een kleiner schip waar we ook met een kleiner team waren. Toen was het meer ‘hands-on’ en gerelateerd aan het daadwerkelijk manoeuvreren van het schip. Het bedrijf waar ik de afgelopen tien jaar heb gewerkt, is een andere weg ingeslagen met meer grote constructieschepen waar veel mensen en meerdere afdelingen aan boord zijn. Toch zou ik niet meer terug willen. Dit werk kan ik tot mijn pensioen doen, zeker bij het bedrijf waar ik nu zit. Misschien stap ik ooit over naar de uitvoerende kant, maar dat trekt me voor nu nog niet.”
De 39-jarige geniet ook van de verschillende landen en culturen die hij tegenkomt. “In Afrika komt bijna standaard een corrupte autoriteit vertellen dat het schip niet aan de eisen voldoet. In Brazilië ben ik juist altijd onder de indruk van de natuur en ik herinner me nog dat ik op een van mijn eerste off shore reizen in Myanmar een rivier moest bevaren met aan beide kanten jungle. Prachtig!”
Ver van huis
Een wezenlijk onderdeel van zijn werk is dat Leendert Jan vaak lange periodes van huis is. Hij werkt nu volgens het ritme ‘zes weken op, zes weken af’. Dan laat hij zijn vrouw Daniëlle, dochters Noralie (8) en Aimée (6) en een pleegdochter (13) zes weken thuis achter. “Ik heb nooit anders gedaan. Een paar jaar geleden maakte ik bijna de overstap naar een kantoorbaan, maar toen ik aan het rekenen ging, besefte ik dat ik mijn kinderen dan nog minder zou zien. Daarnaast nemen mensen met een kantoorbaan hun werk ook meer mee naar huis, dat doe ik nu niet: zo gauw ik op de loopplank stap naar de kant, laat ik het werk letterlijk en figuurlijk achter me. Ik stort me in Elburg in een totaal ander leven. De andere kapitein stoort me alleen bij dringende zaken, maar dat gebeurt zelden, waardoor ik het echt kan loslaten. Voor mijn vrouw en kinderen is het wellicht moeilijker: hun leven draait gewoon door, maar dan zonder mij. Sinds vijf maanden hebben we een pleegdochter, en het is bijzonder om te merken hoe anders zij reageert op mijn vertrek dan Noralie en Aimée. Voor hen is het de normaalste zaak van de wereld. Niemand vindt het leuk dat ik wegga, maar onze pleegdochter heeft er het meeste moeite mee. Gelukkig weet ik dat ze tijdens mijn afwezigheid ook bij Daniëlle in goede handen is.”













