De toren is eigendom van de gemeente Nunspeet en niet van de Hervormde kerk. Foto Dick Baas
De toren is eigendom van de gemeente Nunspeet en niet van de Hervormde kerk. Foto Dick Baas Dick Baas

Historie klokken Dorpskerk: Tweede Wereldoorlog

16 oktober 2024 om 06:01 Historie

In het eerste deel van de historie van de klokken in de Hervormde Dorpskerk in de krant van 1 oktober 2024 is beschreven hoe de twee klokken bij de brand van 6 juni 1855 verloren gingen. Er kwamen nieuwe klokken met financiële hulp van de Spaar- en Bewaarbank.

Dick Baas

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden op 8 februari 1943 die twee klokken uit de toren gehaald. De Duitse Rijkscommissaris Arthur Seyss-Inquart had op 23 juli 1942 een metaalverordening uitgevaardigd waarbij kerkklokken gevorderd gingen worden voor de Duitse oorlogsindustrie. De klokkenvordering is meer bekend als de ‘klokkenroof’. In heel Nederland zijn ongeveer 6700 klokken gevorderd. Klokken van rond 1600 liet men ongemoeid. Daarom heeft de kerk in Elspeet nog een klok uit 1612, gegoten door Henricus Meurs en twee uit 1659 van François Hemony.

De bonnetjes van de gevorderde klokken bevinden zich nog in het gemeentelijk archief. Het ging om een klok met een diameter van 102 cm en een gewicht van circa 655 kg en een klok van 83 cm met een gewicht van circa 370 kg. Of dit helemaal juist is?

Het vorderen van klokken in oorlogstijd is in de historie een bekend fenomeen. Er was een gezegde: ‘Klokken uit de toren, oorlog verloren.’

Na de oorlog kwam landelijk een deel van de klokken terug zoals de klok in de Hervormde kerk van Doornspijk, maar bij de naspeuringen voor Nunspeet bleek op 20 februari 1947 dat de klokken in München waren versmolten. Dus ontstond een actie om weer klokken in de kerktoren te krijgen. Er werd een Klokkencommité gevormd met J.E. Schaap als voorzitter, E.C.H. ten Broek secretaris, D.W.L. Milo penningmeester en Jan van Egteren, Jan Kuipers, A. Mulder en D. van ‘t Slot als leden. Het comité ging voortvarend te werk. Het bestelde twee klokken, één van 1000 kilogram en één van 750 kilogram. Aan de inwoners werd gevraagd om koper in te leveren. Kinderen konden ook een bijdrage leveren, want die hadden na de oorlog heel wat koperen hulzen verzameld. In de zomer van 1947 ging een actie van start. Er moest 1750 kg brons komen. ‘Laten we elk een kilogram brons geven. Kunt u geen kilogram brons leveren? Dat is niet erg: geeft u dan f 5 en wij kopen er een kilogram brons voor.’ Benadrukt werd dat de toren eigendom van de gemeente was en niet van de kerk. ‘De klokken zijn van ons allemaal.’

Toen begin 1948 de maten van de klokken bekend waren, bleek dat deze niet in de toren pasten. Na de brand heeft de toren een kleinere houten spits gekregen, die niet berekend was op het formaat van de bestelde klokken. Ook het totaalgewicht werd een probleem. De oplossing was het gewicht te verdelen over drie klokken met een iets kleiner totaalgewicht. Om het goed te laten klinken werd gekozen voor de tonen gis, b en cis. Hoe dat klonk? De gieterij verwees naar het dorpje Oploo in de buurt van Boxmeer, waar deze klokken ook hingen. De koster van die kerk werd bewerkt om de klokken te laten luiden en zo kon het comité de klank beluisteren. Wordt vervolgd.

Mail de redactie
Meld een correctie

Uit de krant

advertentie
advertentie