
Column Sander Klugt: De knal
21 juli 2026 om 16:00 ColumnEen snelkookpan ontploft niet omdat iemand aan het ventiel draait. Hij ontploft omdat de druk te hoog is opgelopen.
Dat beeld moest ik de afgelopen weken regelmatig voor ogen houden. Sinds de afscheidsspeech van Jaap Groothuis lijkt het in Nunspeet namelijk vooral te gaan over de vraag: was deze speech gepast? De één noemt haar moedig, de ander ongepast. Maar daarmee dreigt de aandacht uit te gaan naar de knal, terwijl de druk die eraan vooraf ging nauwelijks onderwerp van gesprek is.
Bestuurscultuur laat zich niet vangen in een gedragscode of een coalitieakkoord. Zij ontstaat iedere dag opnieuw. In de manier waarop we met elkaar spreken. In hoe we omgaan met kritiek. In de ruimte die we elkaar geven om een andere mening te hebben. En misschien wel belangrijker: in de vraag of we elkaar blijven zien als mensen, of alleen nog als tegenstanders.
Een bestuurscultuur is de optelsom van ons allemaal
Juist daarom zou iedereen die zich een oordeel vormt over de speech zich ook de vraag mogen stellen over welke bijdrage hij of zij zelf, bewust of onbewust, levert aan de manier waarop we in Nunspeet met elkaar omgaan. Dat is geen beschuldiging, maar wel een uitnodiging tot zelfreflectie. Niemand staat buiten deze discussie. Ik ook niet. Want een bestuurscultuur is nooit het werk van één bestuurder. Zij is de optelsom van ons allemaal.
Bestuurscultuur wordt ook dagelijks buiten het gemeentehuis gevoed. Door inwoners, opiniemakers en sociale media, waar het soms gemakkelijker lijkt om een oordeel te ventileren dan een vraag te stellen. Wie voortdurend spreekt óver elkaar, maar zelden mét elkaar, moet niet verbaasd zijn als het vertrouwen langzaam verdwijnt.
Dat betekent niet dat alles wat gezegd is, daarmee ook goed en verstandig was. Woorden doen ertoe. Maar wie alleen de woorden beoordeelt en niet de cultuur waaruit ze voortkomen, behandelt de rook en laat het vuur branden.
De knal maakte alleen hoorbaar hoeveel druk zich inmiddels had opgebouwd. Misschien hadden we het gesprek over bestuurscultuur daarom al veel eerder moeten voeren. Niet over één speech, maar over de manier waarop we in Nunspeet met elkaar omgaan.


















