
Vierde druk gidsje over Gedichten in Nunspeet
29 december 2024 om 06:00 MaatschappelijkPoëzie op muren, in velden en langs wegen. Zo luidt de ondertitel van de gids met 43 muurgedichten die verspreid door alle kernen van gemeente Nunspeet zijn aangebracht. Het is de vierde druk die uitgegeven wordt door de Stichting Muurgedichten Nunspeet.
Dick Baas
De presentatie vond plaats in Veluvine met op de achtergrond het daar aangebrachte gedicht ‘Veluvine verleidt’ van Ingmar Heytze. Jaap Slaa, voorzitter van de stichting, voelde zich happy bij deze gebeurtenis en kon zo het gedicht van Joke van Leeuwen naast het IJscafé op de Markt citeren: ‘Ik voel me ozo heppie, zo heppie deze dag’.
Van Nunspeet een gedichtendorp maken, was bijna 20 jaar geleden een idee van de overleden Ben van Wendel de Joode. Het eerste gedicht ‘Terug naar de natuur’ van Rutger Kopland werd op 21 december 2007 aangebracht op het inmiddels gesloopte VVV-gebouw bij het station. De eerste zin luidt: ‘Er was een man, ik zeg niet wie hij was, die hield van de natuur’. Wat toen niet in de krant mocht, was dat de vormgever van de plaat een foutje in de tekst gemaakt had en geschreven had ‘er was eens een man’. Er moest een nieuwe plaat komen. Het was Ger van Wendel de Joode die de fout ontdekte. Dit gedicht zal herplaatst worden als de stationsomgeving klaar is.
Nunspeet staat prominent op de kaart als het gaat over straatpoëzie. De neerlandica Kila van de Starre doet daar onderzoek naar. Zie de website straatpoëzie.nl, een database van de Unuversiteit Utrecht. De stad Leiden staat bekend om zijn vele muurgedichten. Leiden heeft 110 muurgedichten en 130.000 inwoners, dus één muurgedicht op 1.200 inwoners. Nunspeet heeft 43 muurgedichten en 29.000 inwoners. Dat is er dus één op elke 675 inwoners. Het sommetje werd verteld door penningmeester Janderk Slothouber.
Onder de 43 gedichten zijn gedichten die in gedichtenbundels zijn te vinden, maar er zijn ook gedichten speciaal door hedendaagse dichters voor Nunspeet gemaakt. Zo maakte Joke van Leeuwen een heel eigen gedicht voor voetbalvereniging Nunspeet, dat ze ook nog in de clubkleuren liet vormgeven. Esther Naomi Perquin schreef het gedicht voor de muur op het Whemeplein en Ellen Deckwitz maakte het gedicht voor de 25ste Nunspeetse Keiler.
De vierde druk werd opgedragen aan Ben van Wendel de Joode. Het eerste exemplaar werd door Jaap Slaa overhandigd aan wethouder Mark van de Bunte en het ‘tweede eerste exemplaar’ was voor Ger van Wendel de Joode.
De herdruk van de gids Gedichten in Nunspeet is in de boekhandel verkrijgbaar


















