
Column Ina de Wilde: Het ‘briefje’
20 februari 2024 om 19:30 AlgemeenHet is zo’n dag die niet loopt zoals je had gewild. Soms heb je van die dagen.
Meestal begint zo’n dag met de nacht ervoor. Ik ben aan het malen en dat blijft me wakker houden. En waar gaat dat malen over? Meestal over futiliteiten of over zaken die je nog moet doen of een opmerking van de ander waar je niet goed op hebt gereageerd of vul maar in. Na een paar uur draaien en tig keer mijn kussen omkeren, is er aan elke gedachte die vannacht voorbij kwam nog niets gedaan, laat staan opgelost.
Moe begin ik de dag. Het is druk op de weg, zoals meestal wanneer het regent en het hard waait. De afslag bij het station is afgesloten, waardoor het drukker is dan normaal bij de rotonde en de afslag Nunspeet-Oost om op de A28 te komen. Het is duidelijk ieder voor zich, inhalen, invoegen, bumper aan bumper, geïrriteerd rijden. De nieuwslezer op de radio in mijn auto heeft het over grensoverschrijdend gedrag in de media, ik ervaar het geduw om me heen van al die auto’s ook als overschrijdend.
Het nieuws gaat verder. Gedoe en gelijk willen hebben in de politiek, de zorgstaat is aan het verdwijnen, er wordt meer betrokkenheid verlangd van de individuele mens. Hoogdravende woorden als participatie, onze rechtsstaat, het milieu, meer groen in de steden. Ik heb nog nooit iemand ontmoet die tégen meer groen is en vóór mensen die op straat moeten slapen. Aan het eind van mijn werkdag rijd ik Nunspeet weer binnen, het regent nog steeds, de gratis parkeerplaatsen staan vol, in de supermarkten lopen mensen gebogen over hun karretjes, ik probeer een glimlach weg te geven, maar er is niemand die de tijd neemt om die te ontvangen. Ik verlang naar mijn eigen bubbel, weg van alle heisa. Moe draai ik de deur van het slot, er ligt post en een kaartje van PostNL op de deurmat. Ook dat nog denk ik, vast van iemand die te weinig gefrankeerd heeft, ik bekijk het straks wel.
Als het behaaglijk wordt in huis en de koffie loopt, neem ik de post mee en plof op de bank. Verbaasd lees ik het door de regen verkreukelde briefje met de aanhef ‘we hebben je gemist’ doorgekrast. Ik tover een grote glimlach en op slag ben ik mijn dag vergeten, want verbaasd lees ik: ‘Uw plant in de grote blauwe pot naast de voordeur is aan het verzuipen.’ Ik denk aan de anonieme postbezorger, die heeft in de regen met volle fietstassen tijdens zijn/haar werk de moeite genomen om een kaartje te schrijven om zo mijn plant te redden en mij blij te maken. Wat een groot voorbeeld van zorg dragen voor de natuur en de mens zonder enig eigenbelang.








