
Column Arnold Bergmans: Druk is geen statussymbool
7 oktober 2025 om 12:54 Column“Ik ben zo druk…” Je hoort het overal. Op het schoolplein, in de supermarkt, op verjaardagen waar we eigenlijk heen gingen om bij te komen van de drukte.
Druk zijn is bijna een soort medaille geworden. Hoe voller de agenda, hoe belangrijker we ons lijken te voelen. Alsof niks te doen hebben een soort nederlaag is. Maar waar zijn we eigenlijk allemaal zo druk mee? Zelf runnen we een manegebedrijf in Nunspeet. Dat is zeven dagen per week aan de bak met liefde, laat ik dat vooropstellen.
Geen dag is hetzelfde, en het is prachtig werk: tussen de paarden, de mensen, de natuur. Maar zelfs dan is er zelden een moment waarop je denkt: zo, en nu even niks. Want als de paarden zijn gevoerd, moeten de stallen en de paddocks weer, de gasten komen aan of vertrekken, de telefoontjes gaan, de lijstjes blijven groeien. En nee, die houden ook op zondag geen pauze. Toch betrapte ik mezelf er laatst op dat ik op mijn ‘vrije’ middag toch weer bezig was: snel even de mail wegwerken, wat plannen doorspreken, een lijstje maken voor morgen.
En het gekke is: ik voelde me daar goed bij. Alsof ik punten scoorde in een wedstrijd die niemand met me speelt. We zijn zo gewend geraakt aan het tempo van ‘doorgaan’, dat niksen iets gênants is geworden. Terwijl dat woord niksen juist iets heerlijk Hollands heeft. Een beetje turen naar de lucht. In de verte staren met een kop koffie in je hand zonder agenda, zonder doel. En laat dat nou net zijn waar je hoofd soms het hardst naar verlangt. Er zijn mensen die tegenwoordig cursussen volgen om weer te leren niksen. Ja, echt. We moeten nu leren wat onze grootouders vanzelf deden op een stoel voor het raam. Hoe zijn we daar beland? Het is alsof we collectief zijn gaan geloven dat druk zijn gelijk is aan waardevol zijn. Maar eerlijk: niemand denkt op z’n sterfbed: “Had ik maar meer vergaderingen bijgewoond.” Nee, dan denk je aan wandelingen, middagdutjes, onverwachte gesprekken en de keren dat je gewoon even... niets deed.
Misschien moeten we ‘druk zijn’ eens minder gebruiken als antwoord op de vraag “Hoe gaat het?” En vaker durven zeggen: “Goed. Lekker rustig.” Dat is pas stoer. En tot slot: zelfs op een drukke manege is er altijd ergens een bankje in de zon waar niks hoeft. De kunst is om erop te gaan zitten.












