Ernest Stoeckel geeft uitleg over zijn vrijwilligerswerk. Foto: Hans Tijmes
Ernest Stoeckel geeft uitleg over zijn vrijwilligerswerk. Foto: Hans Tijmes

Hans Tijmes in gesprek met Ernest Stoeckel

26 augustus 2026 om 12:00 Maatschappelijk

Hans Tijmes in gesprek met Ernest Stoeckel, hij is uitgenodigd  om te praten over zijn digitaal vrijwilligerswerk in de bibliotheek, gehuisvest in Veluvine. Samen met het Nuborgh College is het een unieke  plaats voor het delen van kennis, cultuur en scholing. Ernest is één van de vrijwilligers die mensen helpt om hun tablet of telefoon doelmatig, voor een bepaalde taak, te gebruiken. 

Ernest: ‘Ik ben 79-jaar, gehuwd, wij hebben drie kinderen, één dochter, twee zoons en negen kleinkinderen. Mijn vrouw is Nederlandse en ik ben Fransman. Wij zijn vaak in Frankrijk, want mijn familie woont daar. In Nederland ben ik omringd door de familie van mijn vrouw.” En verder: “Mijn ouders waren strenggelovig, zij hadden een slagerij in Sarreguemines in de Elzas. Ze wilden dat ik het bedrijf overnam. Daar was ik na schooltijd en tijdens mijn studies al aan het werk. Dat was prima, ik hoefde geen baan om mijn studies te betalen. Want mijn ouders bekostigden alles, maar zij stelden voorwaarden: Je neemt de slagerij over of je gaat theologie studeren. Tien jaar was ik predikant van de Lutherse kerk in Frankrijk. Omdat het gedrag van mensen mij fascineerde, ben ik psychologie en informatica gaan studeren. Ik ben lang werkzaam geweest als ICT-er voor een organisatie die gewetensvervolgden ondersteunt. Ook werkte ik in het bedrijfsleven. 

Na mijn pensioen ging ik in Dronten en daarna in Nunspeet  aan de slag als digitaal vrijwilliger voor de bibliotheek en Seniorweb of bij mensen thuis. De keuze voor de werkzaamheden in mijn leven werd voor een deel bepaald door mijn ouders, vooral ook door mijn moeder. Zij werd 96 en was altijd bezig op systematische wijze  de slagerij en het vak te perfectioneren.’

Mensen kunnen veel aanleren maar niet alles. De Rijksoverheid onderkent dat en heeft  door middel van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (Wmo) er voor gezorgd dat gemeenten van de Rijksoverheid een financiële bijdrage kunnen krijgen voor onder andere het ‘digitaal’ vrijwilligerswerk, om mensen te helpen om vaardiger te worden of regelmatig  te ondersteunen als dat niet gaat. De gemeente Nunspeet zorgt ervoor dat het werk kan plaatsvinden in de bibliotheek of bij mensen thuis. “Hoe houd je mensen betrokken bij onze samenleving, als ze echt niet in staat zijn om aan het digitaliseringsproces deel te nemen? Je kan het ze niet opdringen, dan is het alsof je vraagt aan iemand die kleurenblind is om een kleurenexpert te worden. Ik doe mijn vrijwilligerswerk met plezier. Maar ik blijf zitten met die gewetensvolle vraag.”

Om bezoekers van de bieb welkom te heten, het Nederlands onder de knie te krijgen of digitale ondersteuning aan te bieden etc. wordt een beroep gedaan op vrijwilligers. Daar zijn er nog te weinig van.

Mail de redactie
Meld een correctie

Uit de krant

advertentie
advertentie